Reizen naar Morgen-netwerk-moment bij Abby: samen leren en inspiratie delen

Op 24 februari kwam het Reizen naar Morgen-netwerk samen bij Abby Kortrijk om er van gedachten te wisselen en elkaar te inspireren. De leden deelden er ervaringen, brainstormden samen in interactieve sessies en bespraken belangrijke thema’s zoals regeneratief toerisme, efficiënt netwerken en hoe je van concept naar concreet handelen gaat.

Abby als illustratie van de visie

De plaats voor het jaarlijkse netwerkmoment was niet toevallig gekozen. Abby Kortrijk is een museum voor beeldende kunst dat erfgoed, hedendaagse cultuur en gemeenschap op een unieke manier samenbrengt en versterkt.

In zijn welkomstwoord benadrukte schepen Maxim Veys het belang van visie én actie. Met ‘Visit Kortrijk’ kiest de stad bewust voor duurzaam, inclusief en lokaal verankerd toerisme dat inzet op leefkwaliteit voor bewoners. Kortrijk positioneert zich niet als bestemming voor massatoerisme, maar zet in op rustig beleven, cultuur, erfgoed en verbondenheid. Toerisme moet niet alleen bezoekers aantrekken, maar ook bijdragen aan de vitaliteit van de stad zelf.

Ook Leen Gysen, administrateur-generaal van Toerisme Vlaanderen, onderstreepte dat Reizen naar Morgen geen theorie is, maar een manier van werken. Een manier om toerisme te ontwikkelen met respect voor de ziel en draagkracht van elke plek, zodat bewoners, bezoekers én ondernemers samen kunnen floreren. De visie werd opnieuw bevestigd als richtinggevend kader voor de komende jaren: geen vast model, maar een uitnodiging om samen te leren, te experimenteren en te bouwen aan betekenisvolle bestemmingen.

In het daaropvolgende panelgesprek met het team van Abby werd duidelijk hoe die visie concreet vorm krijgt. Directeur Sarah Keymeulen vertelde hoe zij van bij de start bewuste keuzes maakten, zoals de aanwerving van een community builder als eerste medewerker. Met die strategische beslissing werd verbinding niet als bijzaak, maar als fundament van de werking verankerd. Communitybuilder Nathalie Deschacht lichtte toe hoe zij actief inzet op luisteren naar diverse organisaties en gemeenschappen in de stad. Door relaties op te bouwen, gedeelde ruimtes open te stellen en initiatieven van onderuit kansen te geven, groeit Abby uit tot meer dan een museum. Het wil een participatieve plek zijn waar verschillende stemmen samenkomen. Naast tentoonstellingsruimtes zijn er leefruimtes, ateliers en een tuin die ontmoeting stimuleren. Zo wordt de visie van Reizen naar Morgen tastbaar in de dagelijkse praktijk. Tijdens het netwerkmoment konden de deelnemers dit alles live ontdekken tijdens een rondleiding bij Abby, waarbij ze ook de expo 'Faith no more' konden zien. Wie hier meer over wil weten, kan er alles over te weten komen in het artikel over Abby en hun aanpak.

Na het panelgesprek volgde nog een interactieve sessie rond vijf verschillende thema’s: ‘Hoe kunnen we de balans tussen toerisme en de lokale community bewaren?’, ‘Hoe kunnen we non believers van Reizen naar Morgen meekrijgen in het verhaal?’, ‘Wat verwacht je van het Reizen naar Morgen-netwerk?’, ‘Wat heb je nodig om Reizen naar Morgen te implementeren?’ en ‘Hoe kan een toeristische speler internationale bezoekers aantrekken en tegelijk een motor zijn voor een florerende gemeenschap?’.

Reizen naar Morgen-netwerkmoment Abby Kortrijk panelgesprek

Een werkwoord en nieuwe criteria voor succes

Heel wat toeristische actoren zetten zich in voor projecten met een brede en lokaal gedragen basis, en dat is nodig. De transitie naar een andere manier van denken en werken gebeurt niet vanzelf. De visie en essentie van Reizen naar Morgen intern én extern overbrengen, blijkt niet altijd evident. Tijdens één van de interactieve sessies gingen deelnemers dieper in op de vraag hoe je ‘non-believers’ kan overtuigen van de meerwaarde van de Reizen naar Morgen-visie. Erik Hennes, gebiedscoördinator voor het Meetjesland bij Toerisme Oost-Vlaanderen, stipte aan dat het overtuigen van ‘non-believers’ tijd en inspanning vraagt. Voor sommigen klinkt het verhaal nog steeds vaag of wollig. Nieuwe termen zoals ‘plek’, ‘floreren’ of ‘regeneratief’ roepen weerstand op. Een belangrijk inzicht was dat we vandaag nog te weinig zichtbaar maken wat er wél in beweging komt. Niet alle resultaten laten zich vangen in bezoekerscijfers of economische indicatoren. De effecten zijn dus niet altijd meteen zichtbaar in klassieke cijfers, wat het moeilijk maakt voor verantwoordelijken die concrete en kwantificeerbare resultaten verwachten. De vraag klonk dan ook scherp: hoe maak je het verhaal tastbaar zonder het te verengen? Bredere maatschappelijke effecten zijn soms minder tastbaar, maar daarom niet minder reëel. Meer verbondenheid, sterkere netwerken, gedeeld eigenaarschap, sociale cohesie … het zijn vormen van impact die je moet durven benoemen en uitdragen. Dat vraagt moed. Moed om verder te kijken dan cijfers. Moed om andere criteria van succes te hanteren. In de kern draait regeneratief toerisme om de vraag: ben je goed bezig? Of concreter: hoe doe je het op het vlak van kwaliteit, versterking en evenwicht? Wordt de plek sterker van wat je doet? Groeit de vitaliteit van de regio? Blijft de draagkracht gerespecteerd? De oproep klonk om die impact explicieter te benoemen en waar mogelijk zichtbaar te maken. Niet om alles in cijfers te vatten, maar om het gesprek te voeden en het verhaal tastbaarder te maken

Tegelijkertijd waren de gesprekspartners het erover eens dat vasthouden aan de Reizen naar Morgen-visie belangrijk is. Een open blik en ruimte voor experiment vormen de kern. Net daarom zouden strikte checklists met vastomlijnde Reizen naar Morgen-criteria contraproductief zijn. Ze zouden de creativiteit beperken en het ontstaan van nieuwe mogelijkheden afremmen. Reizen naar Morgen wil net uitnodigen tot out-of-the-box-denken. Het daagt de klassieke toerismevisie die groei vooral in cijfers uitdrukt uit en schuift een ander perspectief naar voren: groei in waarde. Waarde voor bewoners, voor ondernemers, voor bezoekers en voor de plek zelf.

Wat kan helpen om twijfelaars mee te krijgen? Enkele ideeën die hierrond geopperd werden, waren het tonen van concrete voorbeelden, het zichtbaar maken van (maatschappelijke) impact, het aangaan van het gesprek over wat mensen zelf belangrijk vinden en duidelijk maken wat het hen oplevert op korte én lange termijn. Vaak blijkt er meer gedeelde grond dan gedacht. Iedereen wil kwaliteit, leefbaarheid en toekomstbestendigheid. De uitdaging ligt niet zozeer in het overtuigen, maar in het vertalen en concreet maken van de beweging waar we samen al deel van uitmaken.

Reizen naar Morgen werd tijdens de sessie opnieuw benoemd als een werkwoord. Het is geen statische bestemming of een eindpunt dat je bereikt. Het is een actief proces. Je werkt voortdurend aan het revitaliseren van regio’s en plaatsen. Heldere communicatie bleek daarbij essentieel. Wie niet vertrouwd is met het concept, heeft nood aan concrete taal, duidelijke voorbeelden en zichtbare impact. Door expliciet te maken wat er verandert en waarom dat waardevol is, wordt het verhaal begrijpelijker én sterker.

Reizen naar Morgen-netwerkmoment Abby Kortrijk netwerken

Van concept naar concreet handelen

Sommigen haalden ook de praktische kant van de zaak aan. Wie de Reizen naar Morgen-filosofie wil realiseren, moet soms keuzes maken. Er is een spanningsveld tussen investeren in lokaal draagvlak en inzetten op klassieke promotie of massale instroom. Toch blijkt de focus op lokale betrokkenheid een duurzame investering. Ze rendeert misschien minder snel, maar wel sterker op lange termijn. Er is geduld voor nodig, maar het heeft zeker zijn plaats in een breder toeristisch beleid.

Deelnemers gaven aan dat kleine, concrete stappen vaak effectiever zijn dan grote systeemwijzigingen. Dat maakt de resultaten tastbaarder en de implementatie makkelijker. Door te experimenteren, samen te leren en eigenaarschap te delen, ontstaat draagvlak. Zo voorkom je een ‘wij-zij-verhaal’. Dat betekent ook voor een stuk ‘loslaten’ en een ander projectmanagement: minder top-down, meer vertrouwen, ruimte voor co-creatie en aandacht voor de dynamiek in de groep.

Brugge kiest voor actie

Weinig steden spreken zo tot de verbeelding als Brugge. Het ‘Venetië van het Noorden’ ontvangt jaarlijks miljoenen bezoekers, waarvan een groot aandeel dagtoeristen. Een immens aantal voor een relatief compacte stad. Maar hoe hou je dit in balans met leefbaarheid en kwaliteit? Tijdens het panelgesprek ging Steve Philips van het Provinciaal Hof Brugge (waar in 2026 het jaarlijkse Congres van Reizen naar Morgen plaatsvindt) daar dieper op in.

Vooral op het vlak van mobiliteit dringt een doordachte aanpak zich op. Buitenlandse toeristen die met de wagen het centrum binnenrijden, de weg niet kennen en zoeken naar hun bestemming, veroorzaken verkeerscongestie. Een belangrijke maatregel is daarom het herbekijken van de pendelbus tussen station en centrum. Het voorstel om deze opnieuw gratis aan te bieden aan verblijfstoeristen moet enerzijds het autoverkeer in de binnenstad beperken en anderzijds langer verblijf stimuleren. Daarmee raakt Brugge aan een bredere discussie: het verschil tussen dagtoerisme en verblijfstoerisme. Verblijfstoeristen dragen aanzienlijk meer bij aan de lokale economie en zorgen voor meer spreiding in tijd en ruimte. Beleidskeuzes kunnen dus mee richting geven aan het type toerisme dat een stad aantrekt. Ook op andere vlakken wordt ingezet op balans. Grote evenementen worden gespreid in tijd en ruimte om piekdrukte te vermijden. Het bezoek van tourbussen en cruiseschepen (via Zeebrugge) wordt beter gecontroleerd. Kleinschalige initiatieven krijgen expliciet ondersteuning. Wanneer bewoners zich betrokken voelen, zien ze beter de waarde van toerisme in hun omgeving en groeit ook de trots op hun stad. Brugge toont daarmee dat de uitdaging van schaal geen reden is om de visie los te laten. Net in een stad met grote bezoekersstromen wordt duidelijk hoe belangrijk het is om te kiezen voor kwaliteit, evenwicht en toekomstgericht beleid.

Reizen naar Morgen-netwerkmoment Abby Kortrijk

Community als partner

Een opvallend element in de gesprekken was de nadruk op proactieve communicatie met bewoners. Concrete voorbeelden kwamen aan bod: WhatsApp-groepen met buren, buurtmomenten organiseren, bewoners actief betrekken bij evenementen of B&B-uitbaters die lokale verhalen delen met gasten. Het gaat niet enkel om overlast beperken, maar om bewoners mee eigenaar te maken van het verhaal. Onbekend maakt onbemind; betrokkenheid creëert draagvlak.

Alles voor het netwerk

Veel aandacht ging tijdens het evenement naar het bouwen en versterken van het netwerk. Want wie de Reizen naar Morgen-visie wil realiseren, kan dat niet alleen. Als toeristische organisatie heb je nood aan een brede waaier aan experts, sprekers, ondernemers, beleidsmensen, artiesten en partners die mee richting geven aan projecten en trajecten. Daarbij werd expliciet opgeroepen om verder te kijken dan de klassieke toeristische of erfgoedactoren. Net het betrekken van ‘niet-standaard’ partners uit andere sectoren of disciplines kan leiden tot vernieuwende tentoonstellingen, projecten en samenwerkingen.

Tijdens de interactieve sessies kwamen tal van concrete ideeën naar boven. Een daarvan was het voorstel van een ‘telefoonboekje van projecten’: een overzicht van gerealiseerde projecten, met contactgegevens van de betrokken personen. Zo kunnen leden sneller advies inwinnen of leren van eerdere ervaringen wanneer ze zelf nieuwe initiatieven opzetten. Tegelijk klonk duidelijk dat veel netwerkleden nood hebben aan méér dan oppervlakkige inspiratie. Inspirerende verhalen zijn waardevol, maar er is ook vraag naar verdieping: ‘Hoe pak je een participatief traject concreet aan?’, ‘Hoe bouw je vrijwilligerswerking duurzaam uit?’, ‘Welke valkuilen kom je tegen?’ of ‘Hoe financier je een experiment?’.

Daarnaast werd ook het onderwijs expliciet benoemd als belangrijke schakel. Hoe maken we toekomstige toerismeprofessionals warm voor Reizen naar Morgen? Hoe zorgen we ervoor dat zij verder leren denken dan de traditionele focus op groei in cijfers? Beleving werd daarbij aangehaald als interessante piste. Het Flanders Fields Museum gaf het voorbeeld van een documentatieproject waarbij middelbare scholieren betrokken worden bij onderzoek naar vermiste militairen. Zo ontstaat een project dat niet alleen bezoekers informeert, maar jongeren actief betrekt bij maatschappelijke reflectie en historische bewustwording.

Over één punt was iedereen het eens: netwerken is geen randactiviteit, maar een must. Er werden verschillende werkvormen gesuggereerd: brainstormsessies met externe experten rond concrete projecten, speeddate-netwerkmomenten voor gerichte connecties, actieve matchmaking via een pool van netwerkleden die zich aanbieden voor advies- of brainstormdagen en open oproepen waarbij organisaties hun vraagstuk delen en anderen aansluiten. De ideeën bleven komen tijdens de sessies, wat bewijst dat netwerken en overleggen werkt. Niet alleen om inspiratie op te doen, maar om samen concrete stappen te zetten richting een toerisme dat waarde creëert voor de plek, bewoner, bezoeker en ondernemer.

Reizen naar Morgen-netwerkmoment Abby Kortrijk

Meer netwerkmomenten

Dit netwerkmoment van Reizen naar Morgen smaakte naar meer bij de deelnemers. En er is effectief nog meer op komst. Op dinsdag 5 mei is er de Expertisedag van Reizen naar Morgen in de Floraliën te Gent. Pieter Toebaert van Floraliën benadrukte tijdens het panelgesprek de 220-jarige geschiedenis van de Floraliën en hun focus op het betrekken van bezoekers bij het verhaal van planten en natuur. 

Markeer ook 6 oktober al in de agenda, voor het Jaarlijks Congres van Reizen naar Morgen. Dat vindt plaats in het Provinciaal Hof te Brugge, een gedroomde locatie voor dit evenement. Steve Philips van het Provinciaal Hof vertelde ons al wat meer over dit erfgoedpand op de Grote Markt. In dit ‘Huis van de West-Vlamingen’ wordt de provincie en haar activiteiten uitgebreid aan de lokale bewoners en toeristen gepresenteerd. Twee niet te missen evenementen dus voor iedereen op zoek naar inspiratie, en nieuwe kennismakingen met mensen en organisaties uit het brede toeristische landschap.