Begin gewoon: vier initiatieven tonen hoe Reizen naar Morgen in de praktijk groeit

Wat betekent Reizen naar Morgen achter de balie, aan de toog of in je eigen straat? Op het congres van 6 oktober 2026 in het Provinciaal Hof in Brugge kregen vier gasten het woord om net dat te vertellen. In een panelgesprek onder leiding van Willem De Graeve, coördinator van het Reizen naar Morgen-netwerk, deelden Griet Cappelle van B&B Royal Swans in Brugge, Nele Smets van De Smederij in Winksele, Thomas Verboven van Visit Kalmthout en Liesbeth Schwartz van congreslocatie Constant in Lier hun ervaringen vanuit heel verschillende contexten. Toch delen ze iets: ze blijven niet hangen bij een toeristisch aanbod. Ze willen iets betekenen voor hun plek, voor de ondernemers rond hen en voor de mensen die er wonen. Het werd een gesprek over wat goed loopt, maar evengoed over wat moeilijk is. Net dat maakte het eerlijk. 

Reizen naar Morgen B&B Royal Swans

Een straat die weer samenkomt 

Voor Griet Cappelle was het panelgesprek bijna een thuismatch. Samen met haar man Maarten Van Maele baat ze in de Brugse Kristus-Koningwijk B&B Royal Swans uit. Geen van beiden kwam uit de horeca. “Dat maakte het misschien net goed. Zo konden we met een andere blik starten en een DNA opbouwen dat we zelf echt wilden”, vertelde Griet. 
 

Ze begonnen van nul in een oud pand en renoveerden het zo circulair mogelijk. Uit heel België haalden ze oude deuren en baden, en ook de verlichting van Griets grootvader kreeg er een nieuwe thuis. Dat geeft het huis zijn ziel en verkleint de impact op het milieu. Tegelijk werkt het als een soort showroom: gasten zien wat er met oud materiaal kan en nemen die ideeën mee naar huis. ‘Where history meets ecology’ is dan ook hun baseline. 
 

De buurt stond van bij de start mee centraal. Royal Swans ligt in een residentiële wijk en overlast voor de buren was geen optie. Er wordt niet op straat geparkeerd, en wie zonder auto komt, krijgt een kleine attentie als bedanking. Belonen werkt volgens Griet veel beter dan straffen. “Het is iets heel kleins, maar het is ongelooflijk welke impact dat heeft. Mensen onthouden het en nemen het mee naar huis.” 
 

Een mooi voorbeeld kwam er toen hun straat zes maanden lang werd heraangelegd. Griet zag een kans om de buren warm te maken voor geveltuintjes. In Brugge moet je die aanvragen met een plannetje en foto’s, een drempel voor wie daar minder handig in is. Dus ging ze zelf bij iedereen langs. Vijfendertig buren zeiden ja. Griet tekende hun plannen en de aannemer van de straatwerken legde alle tuintjes aan, zonder dat de bewoners er zelf in moesten investeren. Die tuintjes vragen onderhoud en dat brengt de buren weer even buiten. Jong en oud komen zo opnieuw een babbel doen. “Het is niet alleen een ecologisch pluspunt, het is ook een sociaal pluspunt”, klonk het. Gasten fotograferen de tuintjes graag en raken zo vanzelf aan de praat met de buurtbewoners. 

Foto van De Smederij in Winksele

Een dorp dat zijn eigen kern terugkoopt 

Ook in Winksele begon alles klein. Nele Smets richtte De Smederij samen met twee andere ondernemers op als coöperatie. Eerst was er een vergaderlocatie: geen koele zalen, wel warme plekken die inspireren. Tot een oudere dame uit het dorp vertelde dat haar broer vroeger smid was op het perceel naast het hunne. Drie weken later kwam de oude smidse te koop. Zonder vast plan sprongen ze op dat verhaal. Vandaag vind je er naast de vergaderzalen ook een horecazaak en een microbrouwerij. Dat alles op een plek die veel betekent voor het dorp. 
 

Horeca en vastgoed brachten ze bewust onder in twee aparte vennootschappen. Toen in 2022 drie buren op twee maanden tijd hun aanpalende panden verkochten en eerst bij De Smederij aanklopten, ontbrak het geld om alles te kopen. “We gingen niet onderhandelen over de prijs, wel over de termijn”, vertelde Nele. Zo kochten ze tijd, en gingen ze in gesprek met de buren. 
 

Daaruit groeide een burgercoöperatie van vijftig coöperanten die samen 1,5 miljoen euro kapitaal inbrachten. Driekwart van hen woont in het dorp. Samen kochten ze vijf panden en percelen tussen de kerk van Winksele en het cultureel centrum. De groene binnenzone is intussen een buurttuin, aangelegd met vrijwilligers. Een stedenbouwkundige studie ligt klaar om de dorpskern verder te versterken, met de helft van de oppervlakte voor woonoplossingen. Zo koopt een dorp zijn eigen dorpskern terug, met een stevige dosis engagement en eigenaarschap van de bewoners. 

Thomas Verboven bij Visit Kalmthout

Een infokantoor waar de buren binnenlopen 

Bij Thomas Verboven liep de beweging omgekeerd. Als diensthoofd van Visit Kalmthout bracht hij ondernemers en bewoners naar het toeristisch infokantoor. Toen hij zes jaar geleden begon, telde het kantoor zo’n 10.000 bezoekers per jaar, vooral mensen van buiten Kalmthout die voor de heide kwamen. Na een renovatietraject en een andere kijk op de werking staat de teller vandaag op 60.000. Zestig procent van hen woont in Kalmthout zelf. “Dat is echt een grote gamechanger geweest”, aldus Thomas. 
 

De sleutel lag bij lokale ondernemers. Visit Kalmthout werkte een dynamische Kalmthoutse cadeaubon uit en bouwde stap voor stap een netwerk op. In het begin trok Thomas zelf naar markten en zocht hij ondernemers op waar hij via collega’s over hoorde. Intussen melden ze zich vanzelf aan. Een grote bouwfirma geeft bij elk nieuw appartement een Kalmthoutbox cadeau, zodat nieuwe inwoners meteen kennismaken met hun gemeente en kleine producenten een grotere afzetmarkt krijgen. 


Bij de opening van het nieuwe infokantoor kwam er geen standaard glaasje cava op tafel. Een lokale producent van chilipepers serveerde brood met pikante olie en zouten, en een lokale drankproducent zorgde voor een alcoholvrije mocktail, zodat iedereen veilig naar huis kon. Dit voorjaar kwamen op uitnodiging van de burgemeester 120 ondernemers samen op de Avond van de Ondernemer, in het infokantoor zelf. Wie daar een collega leert kennen, verwijst bezoekers sneller naar elkaar door. Ook bewoners worden zo ambassadeurs. Nieuwe inwoners geven Kalmthout cadeau aan vrienden, en in de webshop kan iedereen zien welke streekproducten de gemeente rijk is. 

Foto interieur van Constant Lier

Een stadskluis aan de bar 

Liesbeth Schwartz en haar man Paul Van den Broeck hebben geen horecaverleden. Als ingenieurs waren ze actief in de lucht- en ruimtevaart, de offshore-industrie en de kernfusie. Een van hun dromen was wonen in een historisch pand op de Grote Markt van Lier. Ze kochten de oude stadskantoren, en omdat ze via economische missies wisten hoe sterk een unieke plek bij mensen blijft hangen, maakten ze er congreslocatie Constant van. Zonder subsidies, want ze wilden snel kunnen starten. 
 

Als geboren en getogen Lierenaars doken ze in de geschiedenis van het pand. Vóór het stadsdiensten werden, was het eeuwenlang een brouwerij, tot de stad het in 1912 kocht. Messing, een legering van koper en zink, verwijst overal in het gebouw naar dat brouwerijverleden. De oude stadskluis bleef bewaard, vlak voor de bar. “Het eerste wat gasten vragen, is: wow, wat is dat daar?”, vertelde Liesbeth. Vanaf dat moment begint het verhaal. 
 

Liesbeth werd zelf brouwer en schenkt onder meer een schwarzbier, een knipoog naar haar familienaam. Via de amandelen die ze zelf roostert, vertelt ze het verhaal van Felix Timmermans. Daags voor het Reizen naar Morgen-congres ontving Constant honderd leerlingen tijdens de Open Bedrijvendag voor Jongeren. Velen kenden Timmermans nog niet, maar waren wel zot van de amandelen. Zo blijft het verhaal hangen. “Geen toekomst zonder geschiedenis”, vatte Liesbeth samen. 
 

Ook de Lierenaar klopt aan. Het pand was jarenlang de plek waar inwoners hun kinderen gingen aangeven. Tijdens Open Monumentendag staat het open voor iedereen en brengen bewoners spontaan schilderijtjes, puzzels en foto’s van honderd jaar geleden mee, samen met hun verhalen. Die vormen telkens de basis voor nieuwe ideeën om gasten te prikkelen. Met het stadhuis aan de overkant werkte Constant bovendien wandelingen met QR-codes uit langs de mooiste plekjes van Lier. 

Spreker panelgesprek op RnM-congres 2026

Eerlijk over wat schuurt 

Iedereen vertelt graag over successen, maar het panel stond ook stil bij wat lastig is. In Kalmthout zet de snelle groei druk op de werking. Momenteel houden 21 vrijwilligers het infokantoor mee open, en voor de medewerkers is het niet evident om alles draaiende te houden. “We kunnen het tempo waaraan we nu racen niet blijven volhouden”, gaf Thomas toe. Het team bekijkt daarom opnieuw wat de ambitie van de organisatie is, zodat de kwaliteit overeind blijft en wat vandaag werkt over tien jaar nog altijd relevant is. 


Bij Royal Swans zit de uitdaging in de communicatie. Achter de schermen gebeurt er heel wat, maar hoe maak je dat zichtbaar voor de gast? Een duurzaamheidscharter aan de muur bevat veel tekst, en de meeste toeristen lezen dat niet helemaal. Griet en Maarten zoeken daarom naar kleine dingen die telkens terugkomen, zodat er bij gasten een belletje gaat rinkelen. Het is een kwestie van uitproberen en bijsturen, en volgens Griet is dat net het leuke aan een eigen onderneming. 


Voor De Smederij ligt een van de uitdagingen bij verantwoord bier. De zaak hanteert een Smart Drinking-visie, met aandacht voor prijszetting en een gevarieerd alcoholvrij aanbod. Het team praat met evenveel liefde en productkennis over lokale kombucha’s als over de eigen bieren of Belgische wijnen, en maakt zelf mocktails. Alcoholvrij bier brouwen op kleine schaal blijft technisch wel een hele opgave. De brouwerij zoekt daarvoor de samenwerking op met andere brouwers. 


Ook partners kiezen vraagt moed. Niet elke ondernemer kan altijd een plek krijgen in een campagne of op een opening. Thomas pleit ervoor om duidelijk te kiezen wie bij de visie past. “Je moet altijd trouw blijven aan je visie. Dat is superbelangrijk.” 

Spreker panelgesprek op RnM-congres 2026

Kleine stappen, grote impact 

Doorheen de verschillende verhalen kwamen telkens dezelfde stemmen terug: die van de bezoeker, de ondernemer, de bewoner en de plek. Geen van de panelleden vertrok vanuit een groots masterplan. Het groeide met kleine, bewuste beslissingen. De eerste stappen vragen wat denkwerk, maar eens je bezig bent, neem je vanzelf mensen mee in je verhaal. Ook anderen pikken het op. In Lier merkt Liesbeth dat andere ondernemers de geschiedenis van de stad opnieuw opwaarderen, zonder dat ze daar zelf actief mee bezig is. 
 

Gevraagd naar één tip voor wie nog moet beginnen, was Griet duidelijk. “Start er gewoon mee. Het loopt vanzelf en het groeit organisch. En eens het in jouw DNA zit, zit het ook in het DNA van je omgeving.” Daarbij hoef je het niet ver te zoeken. Bij Royal Swans lag er een privétuin die nauwelijks gebruikt werd. Vandaag ontbijten gasten er tussen de kikkers, vlinders en libellen, en ook de buren vinden het leuk. Kijk dus eerst wat je al hebt en laat dat openbloeien, in plaats van veel geld in iets nieuws te steken. 
 

Liesbeth gaf nog een laatste prikkel mee: blijf jezelf uitvinden. De maatschappij evolueert snel, en wie als gastheer of gastvrouw ook binnen honderd jaar nog relevant wil zijn, moet blijven innoveren. Op de juiste manier, en trouw aan wat je plek uniek maakt. 

Meer weten 

Op de congrespagina vind je een overzicht van het Reizen naar Morgen-congres 2026, met sfeerbeelden, de aftermovie en de verslagen van de sessies. Wil je op de hoogte blijven of zelf inspiratie delen? Volg ons op LinkedIn, word lid van onze Facebook-groep of schrijf je in voor de Reizen naar Morgen-nieuwsbrief. 
 

Dit artikel kwam tot stand dankzij de samenwerking met Hogeschool VIVES, op basis van het verslag van Jari Coopman.