Tijdens het Reizen naar Morgen-congres 2026 leidde een rondleiding de deelnemers door het Provinciaal Hof in Brugge. Toegankelijkheid en inclusie liepen als een rode draad door het bezoek, van de verzorgingsruimte op het gelijkvloers tot het Hofcafé dat wordt uitgebaat door maatwerkbedrijf ODAS.
Toegankelijkheid als vertrekpunt
Het neogotische Provinciaal Hof werd met overheidsmiddelen aangekocht. Daarom wilde de provincie het gebouw teruggeven aan de bevolking, als een plek die voor iedereen openstaat. Toegankelijkheid werd van bij het begin meegenomen in de renovatieplannen. Het gelijkvloers kreeg een moderne, toegankelijke invulling, terwijl de bovenverdieping meer van het oorspronkelijke karakter bewaarde. Dat resulteerde in een ‘A++’-label voor toegankelijkheid.
Wie minder mobiel is, komt binnen via een aangepaste ingang en wordt welkom geheten aan een verlaagde infobalie. Aan de ingang kan je met een knop om assistentie vragen, en een bluetoothsysteem maakt verbinding met hoorapparaten. Het meest opvallend is de aangepaste verzorgingsruimte met een speciaal verzorgingsbed, een voorziening waarvan er in Vlaanderen maar een handvol bestaan. Het laat mensen met een zware beperking toe om langer in de stad te blijven, en bijvoorbeeld een restaurant of voorstelling mee te pikken, zonder meteen naar huis te moeten. Toegankelijkheid gaat hier dus over volwaardig deelnemen aan het openbare leven.
Het verhaal van West-Vlaanderen
Het Provinciaal Hof wil tonen wat de provincie West-Vlaanderen doet. Niet met klassieke infopanelen, wel via storytelling doorheen het gebouw, de kunst en de objecten die je er vindt. Zo toont een groot tapijt de kaart van West-Vlaanderen, helpt een interactieve kaart bezoekers op weg en zet de Hofshop West-Vlaamse producten in de kijker. In het Hof der Dingen vertellen voorwerpen dan weer het verhaal van de provincie. Van de bokshandschoenen van Delphine Persoon tot een brief van het kabinet van Winston Churchill, er is vanalles te ontdekken.
Ook in de Provincieraadzaal staat de West-Vlaming centraal. Witte doeken verwijzen naar tafellakens, en tussen de portretten van provincieraadsleden hangen foto’s van gewone West-Vlamingen. Ambassadeur Wim Opbrouck speelde een rol in die keuze. De boodschap is duidelijk: de provincie, dat zijn de mensen die er wonen.
ODAS: lef en durf
Het Hofcafé wordt uitgebaat door ODAS, een maatwerkbedrijf uit Brugge. De naam komt van het Franse ‘audace’, lef en durf. Het bedrijf telt een 750-tal medewerkers, van wie het merendeel maatwerkers. Het zijn bijvoorbeeld mensen met een beperking, mensen die herstellen van een burn-out of depressie, nieuwkomers met een taalachterstand en anderen die moeilijk instromen op de reguliere arbeidsmarkt.
ODAS is actief in zowat elke sector, van inpakken en montage over groenonderhoud en schoonmaak tot het afvullen van dranken en voedingssupplementen. Sommige teams werken rechtstreeks bij klanten op de werkvloer. Het team van het Hofcafé is trots op zijn plek: wie hen vraagt voor wie ze werken, krijgt als antwoord niet ODAS, maar het Hofcafé.
Tijdens corona zocht ODAS naar manieren om zijn mensen aan het werk te houden. Zo ontstond een dienst die het voorbereidende keukenwerk, de mise-en-place, overneemt voor horecazaken in heel Vlaanderen. Van garnalenkroketten tot spaghettisauzen, telkens volgens het recept van de klant. Voor restaurants met personeelstekort is dat een interessante oplossing, en intussen biedt de afdeling werk aan zo’n 120 mensen.
Een aperitief uit de kruidentuin
In de Kruiderie, de kruidentuin van ODAS, werken mensen die de meeste begeleiding nodig hebben, in een rustige omgeving en op hun eigen tempo. De tuin levert kruiden aan restaurants, met de citroenverbena als topper. Daaruit ontstond een eigen alcoholvrij aperitief, dat ook Odas heet en volledig in huis wordt gemaakt: geteeld, bereid, gepasteuriseerd en gebotteld. Het wordt geschonken in een champagneglas met een eetbaar bloemetje uit dezelfde tuin.
ODAS krijgt subsidies per maatwerker, maar moet net als elk bedrijf zelf inkomsten genereren, weliswaar zonder winstoogmerk. Dat evenwicht tussen de sociale missie en economische haalbaarheid verklaart waarom het bedrijf voortdurend nieuwe activiteiten zoekt. Waar het kan, stromen medewerkers door naar een reguliere job, vaak vanuit de horeca. Voor anderen blijft ODAS een vaste werkplek met de nodige begeleiding.
Inclusie als rode draad
In het Provinciaal Hof betekent inclusie dat iedereen het gebouw kan gebruiken en zich herkent in het verhaal van de provincie. Bij ODAS betekent het dat mensen een plek krijgen om te werken en te groeien, als deel van een netwerk. Samen brengen ze zo de Reizen naar Morgen-visie in de praktijk, als een bestemming die er is voor bezoekers, bewoners, ondernemers en de plek zelf, en waar niemand uit de boot valt.
Meer weten
Op de congrespagina vind je een overzicht van het Reizen naar Morgen-congres 2026, met sfeerbeelden, de aftermovie en de verslagen van de sessies. Wil je op de hoogte blijven of zelf inspiratie delen? Volg ons op LinkedIn, word lid van onze Facebook-groep of schrijf je in voor de Reizen naar Morgen-nieuwsbrief.
Dit artikel kwam tot stand dankzij de samenwerking met Hogeschool VIVES, op basis van het verslag van Chelsea Despiere en Elly-May Sons.